Professionele en persoonlijke ontwikkeling loopt als een rode draad door de loopbaan van Marijke van der Krogt, plaatsvervangend voorzitter van de Stichting Arbeidsmarkt- en Scholingsfonds Defensie (ASD). Dat gunt ze, met steun van het ASD, iedere medewerker die een innovatief project wil starten.
Toen ze in 1993 als uitzendkracht begon bij Defensie, had Marijke van der Krogt niet kunnen vermoeden dat ze 32 jaar later Commandant van de divisie P&O Defensie zou zijn. “Ik ben eigenlijk een klassiek voorbeeld van wat er in deze organisatie mogelijk is,” vertelt ze terugkijkend op haar loopbaan. “Ik heb deeltijdopleidingen gedaan op het hbo en de universiteit en verschillende militaire trajecten gevolgd. Ik heb ontzettend veel geleerd onderweg en ben nu generaal. Defensie biedt kansen, als je ze tenminste zelf ook grijpt.”
Haar carrière is het levende bewijs van de ontwikkelmogelijkheden binnen de organisatie. Maar, benadrukt ze, dat gaat niet vanzelf. “Het is een kwestie van geven en nemen. Defensie gaf me tijd en ruimte om te studeren, maar ik heb ook altijd gekeken hoe ik iets terug kon geven. Ontwikkeling doe je namelijk altijd samen.”
“Het ASD kan een brug slaan door samenwerking te stimuleren met andere, gespecialiseerde organisaties”
Die visie past naadloos bij het ASD, waar ze zich sinds 2012 voor inzet, eerst als plaatsvervangend bestuurslid en later als algemeen lid. Haar betrokkenheid begon toen ze hoofd opleidingszaken werd bij de Luchtmacht. Tegenwoordig is ze plaatsvervangend voorzitter van het ASD-bestuur.
“Ik vertegenwoordig nu geen specifiek defensieonderdeel. Mijn rol is om te verbinden en aan te jagen. Dat vind ik ook zo mooi van het ASD: dat nieuwe ideeën een kans krijgen. In een grote organisatie als Defensie is bureaucratie soms een rem, maar het ASD kan door zijn flexibiliteit het menselijk kapitaal een boost geven.”

Het fonds ondersteunt ook initiatieven die bijdragen aan vitaliteit en sociale innovatie. “We kijken naar thema’s als diabetes, de overgang of neurodiversiteit,” legt ze uit. “Dat zijn onderwerpen waar binnen de organisatie niet altijd openlijk over gesproken wordt. Maar ze zijn belangrijk om medewerkers te zien en te behouden voor de organisatie. Het ASD wil bijdragen aan bewustwording; wij kunnen een brug slaan door samenwerking te stimuleren met andere organisaties die daarin gespecialiseerd zijn.”
Daarnaast ziet ze kansen voor meer samenwerking met andere sectorfondsen. “In de veiligheidssector zouden we veel meer met elkaar kunnen uitwisselen. Bij Defensie hebben we bijna alle functies die je kunt bedenken in huis. Nou ja, behalve schoonheidsspecialisten misschien,” zegt ze met een knipoog. “Als je elkaar beter weet te vinden, kunnen mensen gemakkelijker overstappen. Denk aan mobiliteit tussen beroepen, zoals brandweermensen of techniekspecialisten. Zij hebben vaak dezelfde mentaliteit van aanpakken en ‘can do’, dus dat kan mooi aansluiten.”
Toch kent nog niet elke defensiemedewerker het fonds. “Mensen weten soms niet wat het ASD precies doet,” zegt ze. “Daarom laten we onze naam vaker zien. Op intranet, bij evenementen, of gewoon met een ouderwetse folder. En door te vermelden welke projecten we mede mogelijk hebben gemaakt. Het is mijn ambitie dat het ASD de vanzelfsprekende partner wordt voor iedereen die iets nieuws wil proberen of verbeteren. Of het nu gaat om scholing, gezondheid of sociale innovatie. Daar zet ik me voor in!”